homepage
Over AIG
Wordt lid AIG & KVIV
Agenda
Voorbije Activiteiten
AIG prijzen
AIG - NIEUWS
AIG - Links
Leden
Vacatures
AIG Prikbord


 
Terug


Een ingenieursblik op de uitdagingen van onze gezondheidszorg

AIG-avond i.s.m. Brugse Hanze - Voordracht prof. dr. ir. P. Verdonck

Tijdstip :
Plaats :
Prijs :


 

Vriendendiner Prof. Dr. Ir. Pascal Verdonck

‘Een ingenieursblik op de uitdaging van onze gezondheidszorg’

18 september 2008

 

Inleiding

 

Het vriendendiner met Prof. Pascal Verdonck was een samenwerking met de Alumnivereniging van Ingenieurs afgestudeerd aan de Universiteit Gent (AIG) bijgewoond door 50 leden. De AIG werkt sedert 1976 samen met de K VIV (Koninklijke Vlaamse Ingenieursvereniging). Prof. Verdonck is Burgerlijk bouwkundig, bedrijfskundig en biomedisch Ingenieur en doctoreerde over de stroming doorheen hartkleppen. De stap naar het menselijk lichaam was een succes. Die mondde in 2007 uit in een interuniversitaire masteropleiding in de biomedische ingenieursrichting (UGent en Vrije Universiteit Brussel). De opleiding kreeg de steun van het Instituut voor Biomedische Technologie (Ibitech). Prof. Dr. Ir. Verdonck is nu directeur van het Algemeen Ziekenhuis Maria Middelares in Gent. In een typisch Gentse stijl met veel onderkoelde humor ging Prof. Verdonck als ingenieur in op de uitdagingen van de gezondheidszorg. Hij benadrukte dat hij sprak vanuit zijn academische opdracht en pleitte voor multidisciplinair overleg. “Dat moeten we preventief organiseren, binnen economische randvoorwaarden en ethische grenzen.” Vervolgens had Prof. Verdonck het over medische hulpmiddelen, over biomedische ingenieurstechnieken, de actoren in de gezondheidszorg en over een aantal trends (regeneratieve geneeskunde, kunstmatige organen, biodesign ... “

 

Nieuwe technieken en doorbraken

 

Prof. Verdonck gaf een opsomming van de nieuwste technologie voor beeldvorming (o.m. SPECT CT scan) die het anatomische beeld combineert met een inzicht in het functioneren van het orgaan. Het resultaat is een betere diagnose. “Doorbraken in de moleculaire geneeskunde en vooruitstrevende ingenieursontwikkelingen sturen de evolutie van de gezondheidszorg. Bij toepassing op levende materie spreekt men over biomedische ingenieurstechnieken. Waarom de beeldvorming? Omdat de grote doorbraak in het ingenieursaspect van de geneeskunde er mede gekomen is door de beeldvormingstechnieken. Al een aantal jaar kan men het hart driedimensioneel in beeld brengen. Vandaar mijn achtergrond als ingenieur: pomp en buizen zijn een analogon voor hart en bloedvaten. Het is een mijlpaal dat burgerlijk ingenieurs nu ook in de gezondheidszorg (onderzoek, industrie, overheid, ziekenhuis….) terechtkunnen. De biomedische  ingenieur integreert fysica, scheikunde, wiskunde met gezondheidswetenschappen. Het doel is een vroege diagnose, preventie en de behandeling om de levenskwaliteit van de patiënt en de gemeenschap te verbeteren en te waarborgen.”

 

De actoren van de gezondheidszorg

“De gezondheidszorg is één van onze nationale sleutelsectoren met 400.000 betrokkenen (9,38% van de beroepsbevolking). Er zijn 340.000 zorgverleners, 5000 overheidsambtenaren, 20.000 mensen in de betalingsinstellingen, 35.000 in de producerende en dienstverlenende sectoren plus de telecom, de voeding, het interimwerk en de financiële instellingen.” Prof. Verdonck schetste achtereenvolgens wie binnen de gezondheidszorg organiseert, wie ontvangt, wie betaalt, wie superviseert, wie produceert en wie aan onderzoek doet. Een aantal opmerkelijke cijfers: “Bij een groeiende levensverwachting stijgen de kosten met 10% van het BNP. De technologie  en de nieuwe behandelingsmethodes zijn de belangrijkste oorzaak. Iedere Belg kost de ziekteverzekering jaarlijks gemiddeld € 1607. De overheid betaalt daar 72% van, de burger 28% (€ 10 miljard via eigen bijdragen). Het grootste gedeelte gaat naar technologische innovatie maar patiëntenveiligheid is terecht één van de grote thema’s voor de overheid.” 

 

Medische hulpmiddelen

“Driekwart van de menselijke anatomie is vervangbaar”. De innovatiecyclus in de medische hulpmiddelenindustrie is 2,5 jaar. Dat is een uitdaging voor bedrijf, arts en overheid. In 2002 was de omzet van die hulpmiddelen in België € 900 miljoen. Import en export samen € 2,8 miljard, een stijging met 82% tov 1997 en van 38% tov 1999. Dat is een groeimarkt voor een industrie met 80% KMO’s waarvan meer dan 10.000 Europees zijn. De levenscyclus van medische hulpmiddelen is 18 maanden met een hoge distributiekost en training. Met als enige doel: no failure! Dat is ambi-tieus. Recent ging een pacemaker van de markt omdat een uiterst klein gedeelte van de producten had gefaald.”

 

Geneesmiddelen

“In 2007 heeft de Food and Drug Administration (FDA) maar 16 medicijnen goedgekeurd op een investeringsbudget van $ 50 miljard. Dat is meer dan $ 3 miljard per nieuw geneesmiddel. De kans op een succesvol geneesmiddel is gedaald van 14,4% in 1996 tot 3,1% in 2006. R&D-investeringen in deze sector zijn dus zeer riskant: relatief voor grote spelers, moordend voor kleinere. Wat zijn de trends? De groeiende complexiteit, de grote technologiedoorbraken komen uit de academische wereld zelf, grote bedrijven bouwen hun centrale onderzoekslabs af en multidisci-plinair onderzoek en samenwerking is essentieel in de industriële innovatie. De industrie wil winst maar vooral succes met een evidentierapport over de doelmatig-heid van de therapie, ze wil officieel gepubliceerde richtlijnen én ze wil voor de patiënt (zeer belangrijk) toegang tot de therapie.”

 

Hoe kan de universiteit met de industrie samenwerken?

“Het gemeenschappelijk doel is de verbetering en de waarborg van de levenskwaliteit van het individu en de samenleving. Opleiding is een sleutelelement voor de industrie, voor de universiteit technologietransfer. Je kan tot een evenwicht komen maar de universiteit moet niet vermarkten, zij moet ontwikkelen.”

 

Regenaratieve geneeskunde

“Het spanningsveld situeert zich tussen 900 effectief getransplanteerden en 1300 mensen op wachtlijsten en die kloof groeit. We hebben nood aan organen (hart, nier, lever). De regeneratieve geneeskunde belooft die kloof te dichten. Dat gebeurt, maar niet tegen de snelheid waarop het is aangekondigd.“

 

Kunstmatige organen

“UGent gelooft niet in een volledige orgaanvervangende medische hulpmiddelen zoals bijvoorbeeld een kunsthart. Zoveel vreemd materiaal in het lichaam wordt afgestoten. Patiënten sterven vaak aan lever- en nier-klachten omdat kleine partikeltjes vrijkomen die lever en nieren verstoppen. De kunstnier werkt wel omdat het hulpmiddel zich buiten het lichaam bevindt maar is tijdelijk. Een oplossing ten gronde kan alleen door transplantatie. Kunstmatige organen blijven wel belangrijk. Eén van de ontwikkelingen is het virtueel ontwerpen van medische hulpmiddelen, de Computational Fluid Dynamics (BioCFD)”.

 

Besluit

 

“De hoogtechnologische genees- en hulpmiddelen nemen toe. Dat uit zich in een sterk gepersonaliseerde therapie, verhoogde aandacht voor veiligheid en een groot investeringsrisico. En er is nood aan meer preventie. Wij moeten ingenieurs opleiden die een gezondheidssysteem kunnen organiseren dat medisch-technologische vooruitgang stuurt, maar dat voor iedereen toegankelijk en betaalbaar blijft én vooral een ethisch verantwoord systeem is.”

 

De voordracht van Prof. Ir. Pascal Verdonck was verrassend omdat hij het management van een ziekenhuis koppelt aan begrippen die niet altijd gebruikelijk zijn in de gezondheidssector: for profit en strategisch vooruitkijken.

 

Jos Verniest

 



















 

 

 

 

 

 

 

 

 
 
webdesign estart.be